free website builder

Paul Van Hoeydonck

Paul Van Hoeydonck (Antwerpen, 8 oktober 1925) is een Belgisch kunstenaar. Hij werkte onder andere als beeldhouwer, schilder, tekenaar, collagekunstenaar en graficus.

In 1941 volgde hij aan de Academie in Antwerpen een avondcursus tekenen en hij werkte later in het tekenatelier van Jos Hendrickx. Van Hoeydonck behaalde een graduaat kunstgeschiedenis aan het Kunsthistorisch Instituut in Antwerpen, en ook aan het Instituut voor Kunstgeschiedenis en Oudheidkunde in Brussel volgde hij cursussen.

Vanaf 1955 volgde een korte periode waarin Van Hoeydonck geometrisch abstract werkte. Paul Van Hoeydonck werd lid of medestichter van de groepen "Art Abstrait", "Formes" en "Art Construit".

Met zijn plexi-reliëfs verliet hij het platte vlak en begon door het licht- en schaduwspel en de lichtbreking aan de dematerialisering van de stof.

Paul Van Hoeydonck is vooral tijdens de jaren 60 bekend voor zijn internationale waardering voor zijn karakteristieke space art. Van Hoeydoncks kunstenaarspraktijk wordt bepaald door zijn interesse in de toekomst, de utopie en het kosmische. Deze belangstelling combineert hij met zijn kennis van het verleden (cf zijn graduaat kunstgeschiedenis). Doorheen zijn hele oeuvre vinden we dan ook een wisselwerking tussen het oude en het nieuwe terug. Van Hoeydoncks sculpturen en objecten zijn veelal jongensachtige mijmeringen over de wereld van de toekomst. Robots, planeten en ruimteschepen zijn terugkerende motieven.

Fallen Astronaut op de maan
Van Hoeydonck toonde vooral belangstelling voor de aanwezigheid van de mens in de ruimte. Hij gaf de planeten en de constellaties een plaats in zijn schilderijen. In 1971 zetten de astronauten van de Apollo 15 met toestemming van president Nixon zijn beeldje "Fallen Astronaut" op de maan.

De NASA stelde strenge eisen: het beeldje moest neutraal en universeel zijn, geen man of vrouw voorstellen en niet refereren naar een bepaald ras of cultuur. Het mocht geen scherpe hoeken hebben, geen brandbaar materiaal bevatten, moest bestand zijn tegen extreme temperatuurschommelingen en licht en klein van afmetingen.

Aanvankelijk bedoelde Van Hoeydonck het beeldje als een 'universeel humanistisch symbool van het mensdom'. Maar door het toendertijd recent gebeurde ongeval met de Sojoez 11, waarbij drie Russische kosmonauten omkwamen (juni 1971), kreeg het op aandringen van de bemanning van Apollo 15 een andere betekenis en werd het een memoriaal voor alle verongelukte astronauten en kosmonauten. Het kreeg de naam Fallen Astronaut en kreeg samen met een gedenkplaat met de namen van 14 omgekomen ruimtereizigers een plek op de maan.

Op 2 augustus 1971 was het zover. Astronaut David Scott, gezagvoerder van de Apollo 15-missie, plaatste de plaquette met de namen tijdens zijn laatste ruimtewandeling op de maan. Ernaast legde hij het beeldje van de Fallen Astronaut. ’s Anderendaags keerden de astronauten terug huiswaarts en bleef het beeldje – als enige kunstobject ooit – voor eeuwig achter in het maanstof.

Paul Van Hoeydonck kon en mocht geen ruchtbaarheid geven aan dit feit, omdat met de NASA was overeengekomen dat het kunstproject niet mocht gecommercialiseerd worden en dus anoniem moest blijven. Ook de astronauten hielden zich hieraan en maakten op de persconferentie na hun ruimtereis wel gewag van het kunstwerk, maar zonder de naam van de artiest te vermelden. Toen het Smithsonian Museum in Washington een replica van het beeldje ging tentoonstellen, werd de naam van Van Hoeydonck aanvankelijk nog verzwegen.

Het was de bekende Amerikaanse tv-correspondent Walter Cronkite die op CBS de naam van Van Hoeydonck uiteindelijk bekend maakte. Tijdens een interview op 16 april 1972 bij de lancering van Apollo 16 bestempelde Cronkite hem als 'the only man, the only artist with work on the moon'.

In 2007 verklaarde Van Hoeydonck dat er in totaal 50 stuks vervaardigd zijn van de Fallen Astronaut. Uiteraard het unieke exemplaar op de maan, eentje in het Smithsonian in Washington, 3 beeldjes voor de Apollo 15-astronauten, 1 exemplaar geschonken aan koning Boudewijn, en verder nog enkele exemplaren in diverse musea en verzamelingen. Eén Fallen Astronaut werd door de kunstenaar zelf in de Vesuvius gegooid bij een actie in 1973. De resterende beeldjes blijven in het bezit van Van Hoeydonck.